Je bent hier: Home > Leningen > Hypothecaire lening of woonkrediet > Woonbonus

Woonbonus of hypotheekrenteaftrek

Algemeen

De woonbonus werd door de overheid gelanceerd in 2005, om een hypothecaire lening voor aankoop, nieuwbouw en verbouwing van een huis fiscaal gezien aantrekkelijker te maken. Dankzij deze woonbonus kunnen bijna alle kosten die gepaard gaan met een hypotheek tot een bepaald bedrag afgetrokken worden van de belastingen.

Let op: het systeem van de woonbonus geldt slechts voor één huis, waar men zelf ook daadwerkelijk in moet wonen. Dit is het principe van de ‘enige en eigen’ woning.

Over welke kosten gaat het?

  • Interesten
  • Kapitaalaflossingen
  • Premies schuldsaldoverzekering

Woonbonus Vlaams gewest vanaf 1 januari 2015

De nieuwe Vlaamse woonbonus is ingevoerd op 1 januari 2015. Op 1 januari 2016 werd vervolgens de nieuwe "geïntegreerde" woonbonus ingevoerd. Deze voegt de systemen samen van de woonbonus, de belastingvermindering voor lange termijnsparen en de belastingvermindering voor gewone interesten (op leningen voor bijkomende woningen buiten de eigen woning).

Bedragen

Basisbedrag: 1 520 euro (betaalde intresten, kapitaalaflossingen en premies schuldsaldoverzekering)
Verhoging: 760 euro (gedurende eerste 10 jaren als het de enige woning blijft)
Bijkomende verhoging: 80 euro (minstens 3 kinderen ten laste)

Belastingvermindering

Er wordt een vast tarief van 40 procent gehanteerd. Als de korf volledig gevuld is bedraagt het maximale belastingvoordeel 944 euro (40% op som 1 520 euro + 760 euro + 80 euro). Dit alles zonder rekening te houden met de gemeentebelastingen.

Oude systeem: woonkredieten voor 2015

Bedragen

Basisbedrag: 2 280 euro (betaalde intresten, kapitaalaflossingen en premies schuldsaldoverzekering)
Verhoging: 760 euro (gedurende eerste 10 jaren als het de enige woning blijft)
Bijkomende verhoging: 80 euro (minstens 3 kinderen ten laste)

Belastingvermindering

Er wordt gewerkt met het marginaal tarief: het hoogste belastingpercentage dat je betaalt op je inkomsten. In de hoogste belastingsschijf loopt dit op tot 50%. Als de korf volledig gevuld is bedraagt het maximale belastingvoordeel 1 560 euro (50% op som 2 280 euro + 760 euro + 80 euro). Dit alles zonder rekening te houden met de gemeentebelastingen.

Voorbeeld

Meneer en mevrouw Lievens zijn een lening aangegaan. In 2010 betalen ze 4000 euro terug aan interesten en 2000 aan kapitaalaflossingen. Ze hebben beiden ook een schuldsaldoverzekering afgesloten, waar in 2010 meneer Lievens 200 euro voor betaalt, en mevrouw Lievens 150 euro (ze is jonger).

Meneer Lievens heeft dus een bedrag van 4000 + 2000 + 200 = 6200 euro dat in aanmerking komt voor de aftrek, terwijl dat bij Mevrouw Lievens 4000+2000+150 = 6150 euro is.

Ze bereiken dus alle twee ruimschoots de maximale aftrek, die 3040 euro per persoon bedraagt omdat ze minder dan 3 kinderen hebben.

Indien meneer en mevrouw Lievens aan de belastingsvoet van 45% onderworpen zijn, bedraagt hun voordeel dus twee keer 3040 euro x 45%. In totaal hebben ze dus 2763 euro uitgespaard! Indien men ook rekening houdt met de gemeentebelasting, die totaal vervalt op het afgetrokken bedrag, wordt het geheel nog interessanter!


Gratis nieuwsbrief

Vul uw e-mail adres in
om onze nieuwsbrief te ontvangen:
E-mail adres: